De Opdracht

Aan de hand van een foto worden een aantal vragen gesteld. De opzet en bedoeling ervan is dat je op een gestructureerde manier deze voeten gaat bekijken. Ook vind je een korte anamnese waarin de klachten en ziekte geschiedenis van cliënte worden beschreven.

Als je alle vragen hebt beantwoord vind je op het antwoordformulier de uitleg terug.

opdracht 1 plantair

opdracht 1 dorsaal


Opdracht formulier.

1.1. Eerste indruk van de voeten.
Is dit een geaarde voet? Hoe is de tonus en kleur van de voeten?

1.2 Poolverdeling

Beschrijf de poolverdeling van de voeten. Vergelijk de linker- en rechtervoet met elkaar. Als hier verschil tussen is, leg uit.

1.3 Rechtervoet

Noem alle opvallende verschijnselen en organen van de bovenpool. Noem alle opvallende zones van de middenpool. Noem alle opvallende zones van de onderpool.

Geef een verklaring voor wat je ziet.

Doe dit zowel vanuit de fysieke invalshoek, als vanuit de metafysica.

1.4 Linkervoet

Noem alle opvallende verschijnselen en organen van de bovenpool. Noem alle opvallende zones van de middenpool. Noem alle opvallende zones van de onderpool.

Geef een verklaring voor wat je ziet.

Doe dit zowel vanuit de fysieke invalshoek, als vanuit de metafysica.

1.5 Tenen plantair

Beschrijf de tenen.

Begin bij de grote teen, ga verder met de volgende tenen. Beschrijf de aspecten m.b.t intuïtie, visus en oren.

Noem ook eventueel opvallende reflexzones .

1.6 Dorsale zijde van de voeten
Beschrijf de tenen dorsaal en geef hier uitleg van.

1.7 Dorsale zijde van de voeten

Beschrijf opvallende zones en verschijnselen. Leg uit.

1.8 Leg een relatie tussen wat je ziet met de beschreven klachten van deze cliënte.

1.9 Opzetten van het behandelplan

Integreer de voetdiagnostiek in de opzet van je behandelplan. Maak een behandelopzet van 3 massages en motiveer de keuze van je behandeling.


1. Casus

Een mevrouw van 42 jaar komt in je praktijk. Haar hoofdklacht is hoofdpijnklachten :2 dagen voor het begin van haar menstruatie. Daarbij zijn haar borsten erg gevoelig in deze periode en heeft ze last van emotionele uitbarstingen. Ze is dan boos en geïrriteerd, valt gemakkelijk uit en begrijpt achteraf niet waarom ze zo reageerde. Ook heeft ze meer last van haar spijsvertering: diarree, afgewisseld met verstopping. Dit heeft ze ook gedurende de rest van de maand, maar het valt op dat het verergert tijdens deze dagen.

Bij navraag blijkt dat ze als jong meisje hier ook al in lichte mate last van had. Ze begon op haar 17e met het slikken van de pil en heeft deze met uitzondering van de tijd van haar twee zwangerschappen geslikt tot haar 37e jaar. De klachten zijn verergerd zo’n twee jaar geleden, na het overlijden van haar vader na een langdurige ziekte. Ze heeft hier nog steeds moeite mee en is vooral boos op haar broer en twee zussen, die haar , naar haar zeggen, alles op hebben laten knappen. Het contact met de rest van haar familie is nu erg slecht.

Bij het doorlopen van de haar ziektegeschiedenis blijkt het volgende:
- ze heeft toen ze 7 jaar was hepatitis A gehad
- ze had als jong kind regelmatig oor- en keelontstekingen

Emotionele gebeurtenissen:

Ze was de jongste in het gezin en altijd een vaderskindje. Na de hepatitis is ze bijna een half jaar thuis geweest, hierdoor is ze blijven zitten. Ze kwam daarna in een klas, waar ze geplaagd werd en zich erg ongelukkig voelde. Ook de puberteit was een moeilijke periode in haar leven. Ze had moeite om aansluiting te vinden in een groep en ook nu vindt ze dit nog steeds lastig.

Deze site maakt gebruik van cookies.

Als u uw browserinstellingen niet wijzigt, gaat u daarmee akkoord. Meer weten

Sluiten